Prostaat.nl

Alles over de Prostaat

Prostaat.nl

Behandeling van prostaatkanker met uitzaaiingen

Prostaatkanker die uitgezaaid is, kan doorgaans niet meer genezen worden. De behandeling richt zich dan op vermindering van de klachten en op levensverlenging met een zo hoog mogelijke kwaliteit. Is prostaatkanker niet uitgezaaid, dan zijn er verschillende behandelingen ter genezing mogelijk.

Bij verreweg de meeste patiënten met prostaatkanker zijn uitzaaiingen hoofdzakelijk of zelfs uitsluitend in de botten gelokaliseerd. Andere plaatsen waar uitzaaiingen kunnen voorkomen, zijn de lymfeklieren en soms de longen of de lever. Klachten ten gevolge van uitzaaiingen van prostaatkanker hangen meestal samen met de plaats van de ziekte; pijn in de botten, een botbreuk, druk op het ruggenmerg door een uitzaaiing in een wervel. Algemene klachten zijn vermoeidheid, achteruitgang in lichamelijke conditie en gewichtsverlies.

Soms worden uitzaaiingen min of meer toevallig vastgesteld naar aanleiding van onderzoek vanwege een stijgend PSA en heeft de patiënt nog in het geheel geen klachten.

Als prostaatkanker is uitgezaaid zijn er meerdere mogelijkheden voor behandeling (zie verder), maar geen van deze methoden is genezend. Wel kan de patiënt vaak nog heel lang een goede kwaliteit van leven hebben. Indien het PSA langzaam stijgt (tijd tot verdubbeling meer dan zes maanden) en röntgenfoto’s en een botscan nog geen (zekere) uitzaaiingen aantonen, kan er daarom soms nog voor worden gekozen om met een behandeling (met bijwerkingen) te wachten zolang er geen klachten zijn.

Indien röntgenfoto’s of een botscan echter het bestaan van uitzaaiingen uitwijzen, is de tijd tussen nog geen klachten en het ontstaan van klachten doorgaans beperkt tot enkele maanden en wordt er meestal voor gekozen met (hormonale) behandeling te starten. Bij patiënten die bij diagnose prostaatkanker reeds uitzaaiingen hebben, wordt tegenwoordig vaak ook chemotherapie gegeven naast de hormoontherapie, zie ook chemotherapie bij prostaatkanker.

De gemiddelde duur tussen start hormonale behandeling en het moment van ziekteprogressie, dus het ontstaan van hormoon-ongevoelig ziekte, is 18-24 maanden.

Hormonale behandeling

De groei van kankercellen kan worden afgeremd als de productie van het mannelijk hormoon testosteron wordt verminderd of stilgezet. De productie hiervan vindt plaats in de zaadballen. De productie van testosteron kan stilgezet worden door de zaadballen operatief te verwijderen. Er zijn ook medicijnen op de markt die kunnen worden toegediend via een injectie, als tablet of als neusspray en die hetzelfde doel hebben: de productie van testosteron stilleggen. Deze medicijnen worden LH-RH analogen genoemd.

Indien patiënten naast LHRH tevens langere tijd behandeld zijn (meestal in het kader van maximale androgeenblokkade) met een anti-androgeen, kan de ziekte soms opnieuw enkele maanden tot staan worden gebracht door het anti-androgeen te staken. Dit wordt een anti-androgeenonttrekkingsrespons genoemd. Hierna is ook bij deze patiënten sprake van castratie-ongevoelige prostaatkanker.

In 2012 en 2013 zijn in Nederland twee nieuwe hormoonbehandelingen beschikbaar gekomen; abiraterone en enzalutamide. Beide middelen richten zich specifiek op de androgeenreceptor;

  • abiraterone blokkeert de aanmaak van het laatste beetje testosteron vanuit de bijnieren en soms ook de prostaatkankeruitzaaiingen,
  • enzalutamide blokkeert het effect van dit testosteron op de kankercel en doet dat vele malen effectiever dan de androgeenreceptor-blockers die tot dusver beschikbaar waren.

Lees verder over hormonale behandeling bij prostaatkanker

Chemotherapie

Chemotherapie is de behandeling van kanker(cellen) met medicijnen (cytostatica) die er op gericht zijn de celdeling tot stilstand te brengen of af te remmen. De cytostatica die worden gebruikt bij prostaatkanker, worden via een infuus toegediend en verspreiden zich via het bloed door het hele lichaam. Deze behandelingen worden doorgaans elke drie weken herhaald, waarbij na 3 kuren een eerste afweging kan worden gemaakt of de behandeling aanslaat. Wanneer dat het geval is en indien de patiënt de behandeling goed verdraagt, worden meestal tot 10 van deze kuren toegediend.

Lees verder over chemotherapie bij prostaatkanker

Bisfosfonaten zoledroninezuur en denosumab (botafbraak-remmers)

Door de uitzaaiing van kanker naar de botten wordt het bot vaak afgebroken (osteolyse). Hierdoor wordt het bot broos en breekbaar en de patient kan veel pijn krijgen. Bisfosfonaten (zoledroninezuur) en denosumab remmen de afbraak van het bot. Hierdoor is er vaak minder pijn en minder kans op breken van het bot.

Lees verder over behandeling met bisfosfonaten en denosumab bij prostaatkanker

Behandeling bij moeilijk plassen: gedeeltelijke verwijdering van de prostaat

Als u veel problemen heeft met het plassen, kan een deel van de prostaat worden verwijderd om deze klachten te verminderen. Dit gebeurt door middel van de TURP, dezelfde operatie via de plasbuis zoals bij een goedaardige vergroting van de prostaat, zie Goedaardige prostaatvergroting » Behandeling via de plasbuis (TURP).

Behandeling bij pijn in de botten: radiotherapie (bestraling van buiten af) of radionucliden therapie (bestraling van binnen uit)

Uitzaaiingen (metastasen) in de botten kunnen veel pijn geven. Als pijnstillers niet voldoende helpen, kan er bestraling worden er gegeven. Vaak geeft een korte bestralingskuur (externe radiotherapie) op de pijnlijke plekken een verlichting van de pijn. Bij pijn op meerdere plaatsen is het ook mogelijk om een radioactieve stof toe te dienen die zich hecht aan de uitzaaiingen in het bot. Met deze zogenaamde radionuclidentherapie vermindert, de pijn voor langere duur.

Deze  behandeling voor botuitzaaiingen kan plaatsvinden met onder andere Radium-223, Samarium-153-EDTMP (Quadramet ®) en Rhenium-188-HEDP. Dit zijn middelen die de straling heel precies in de botmetastasen brengen en daar blijven zitten. Daardoor worden alleen de uitzaaiingen bestraald en is de stralingsbelasting voor andere lichaamsdelen beperkt. Door de straling worden de kankercellen in het bot kapot gemaakt.

Lees verder over behandeling met Radium-223

Experimentele behandeling

Er zijn stoffen ontwikkeld die de aanmaak van bloedvaatjes naar een gezwel remmen, zodat het gezwel niet verder kan groeien of zelfs kan afsterven. Dit zijn de zogenaamde angiogenese-remmers. Ook Gen-therapie behoort hiertoe; hierbij wordt geprobeerd een afwijkend gen (dat is een stukje met erfelijk materiaal) te vervangen, bijv. de mutant p53.

Er zal nog veel onderzoek nodig zijn om effectieve geneesmiddelen voor patiënten met uitgebreide kankers te ontwikkelen. Voor een actueel overzicht van behandelingen in studieverband, zie www.stichtingduos.nl.

Onder controle blijven

Nadat een behandeling gestart is zal de uroloog en/of oncoloog u blijven controleren. Tijdens deze controles zal u worden gevraagd naar het plassen en naar eventuele pijn in de botten. Ook wordt er bloed afgenomen als controle op de behandeling (de PSA-bepaling).