PSA waarden na behandeling

U bevindt zich hier: Patiënten informatie » PSA (Prostaat Specifiek Antigeen) » PSA waarden na behandeling

PSA waarden na behandeling

Na een prostatectomie moet de PSA na ongeveer 2 maanden naar < 0,1 ng/ml dalen. Indien dit niet het geval is of indien na enige tijd de PSA weer boven de 0,1 ng/ml stijgt, is er eigenlijk bijna altijd sprake van een tumorrecidief. Deze PSA-waarden moeten dan wel met een aantal bepalingen (meestal 3 met een interval van 3 maanden) een stijging laten zien. Een internationale werkgroep adviseert om een PSA van 0,4 ng/ml aan te houden, waarboven sprake is van een tumorrecidief.

Na radiotherapie ligt dit wat anders. Na radiotherapie is er vaak sprake van een zgn. "PSA-bounce", een stijging van de PSA die pas daarna tot een definitieve lage waarde daalt. Het moment van deze PSA-bounce is ongeveer een of anderhalf jaar na de bestraling. Voorgesteld is om van een PSA-recidief na radiotherapie te spreken bij elke PSA-stijging boven het nadir + 2 ng/ml. Het nadir is de laagste PSA-waarde na behandeling.

Een andere definitie van PSA-recidief na radiotherapie is: een 3 maal achtereenvolgende PSA-stijging met een minimum interval van 3 maanden (Richtlijn Prostaatcarcinoom 2007).

Een belangrijk punt van een PSA-stijging na plaatselijke behandeling, zoals een radicale prostatectomie of brachytherapie, is de vraag of er plaatselijk een recidieftumor is of dat er uitzaaiingen zijn. Een PSA-recidief binnen 2 jaar na radicale prostatectomie, met een snelle stijging van de PSA (PSA verdubbelingstijd) en een hoge gleasonscore in de verwijderde prostaat, is geassocieerd met een hogere kans op uitzaaiingen. Zie ook de tabellen van Kattan.

U bevindt zich hier: Patiënten informatie » PSA (Prostaat Specifiek Antigeen) » PSA waarden na behandeling
 E-mail een vriend(in)
 Print deze pagina
 Favorieten
Prostaatkanker Centrum Nijmegen
Maasstad Ziekenhuis